Bewoners aan het woord

Korte historie van de Danenberg.

De oudste gegevens over De Danenberg dateren van 1552, wanneer er sprake is van "het goed de stenen camer" in eigendom van Derk van Wychen den Alden.

De locatie is meer dan honderd jaar (van 1614 tot 1714) in bezit geweest van de familie Verheyen, grootgrondbezitters. Rond 1750 heet het "huis en brouwerije, van outs genamt 't spiker". Waarschijnlijk is het onderdeel geweest van een groter geheel van percelen en opstallen, waaronder de latere Brinkshoeve aan de Oosterhoutsestraat en boerderij De Brouwerij aan de Dorpsstraat in Slijk-Ewijk. Het "spiker" of "spijker" is de naam voor een versterkt stenen gebouw, het landhuis van een grootgrondbezitter of herenboer uit de stad o.i.d.

De naam Danenberg komt pas in beeld in 1772, als de erfenis van ene Huibert Danen naar zijn neven en nichten gaat, allen genaamd van Hulst. Daarna wordt voor het eerst gesproken over "den Huise Danenberg", een hof, boomgaarden, een singel, allee'n, een sterrebosch en bouw- en weiland tezamen 20 morgen groot", wat naar Bato van Hulst en zijn kinderen gaat. De naam Danenberg lijkt dus een hommage aan Huibert Danen. In 1828 wordt het vererfd op de van Trojens uit Nijmegen. Tussen 1839 en 1849 is de Danenberg burgemeesterswoning van Gaymans, burgemeester van Loenen en Valburg, maar is nog eigendom van mevrouw van Trojen- van Hulst. Zij sterft in 1867, waarna het wordt verkocht aan Wessel Breunissen (gehuwd met Huiberdina Kater).

Het huis Danenberg was meer dan een gewone boerderij. Op de kaart uit 1634 van Nicolaas van Geelkercken, betreffende de gronden in Slijk-Ewijk van het Arnhemse Sint Catharina Gasthuis, is een schets van een kasteelachtig bouwwerk te zien.

De kinderen van Wessel Breunissen en Huiberdina Kater braken de Danenberg of resten daarvan af en bouwden in 1870 twee nieuwe boerderijen. Zoon Willem, ghm Jenneke Hermsen, bouwde de boerderij buiten de grachten. Daarin is een gevelsteen te vinden waarin 'HWB 1870' staat. Willem en Jenneke kregen drie kinderen: Huiberdina Wilhelmina (ghm Karel Gijsberts uit Herveld), Hendrina Adriana (ghm Wessel Breunisse), en Wessel (ghm Neel Janssen uit Wely). Het huis binnen de grachten werd gebouwd door Wessel Breunisse ghm Santje Maters (Maters van de boerderij uit de dorpskern Slijk-Ewijk, later meesterswoning). Beide boerderijen behielden de naam Danenberg.

Er was een toegangsweg vanaf de Oosterhoutsestraat ter hoogte van de Brinkshoeve naar De Danenberg. Dat was een laan met populieren en meidoornhagen, die bij de achterdeur van het omgrachte pand uitkwam. Op het achtererf sloot die laan aan op de afweg naar de dijk, zodat je van de Brinkshoeve aan de Oosterhoutsestraat regelrecht de dijk op kon. De populierenlaan is met de ruilverkaveling rond 1970 verdwenen. Een restje populieren staat er nog.

De boerderij binnen de grachten werd tien jaar na de bouw getroffen door brand. Maar in 1881 was de huidige boerderij klaar. De kinderen Breunissen boerden daar tot 1920, waarna het pand verschillende keren verkocht werd. De boerderij buiten de grachten bleef in bezit van de Breunissens maar werd aan verschillende boeren verpacht. Uiteindelijk, in 1954 erfde een nazaat van de Breunissens, Willem Gijsberts de boerderij. Hij boerde er met zijn gezin tot 1990, waarna het werd verkocht aan dhr. Van Elst, een schapenboer uit Dodewaard, die het op zijn beurt eveneens aan de bovenstaande overheden verkocht.

Halverwege de 19e eeuw bloeide de fruit- en tabaksteelt in de streek. De nazaten van Wessel Breunissen ontpopten zich daarop als succesvolle fruit- en tabakshandelaren. Daardoor bekleedden zij ook vooraanstaande functies op huis Loenen, in de gemeente, kerk en polderraad. Een van de dochters trouwde met Jacob Klaassen. Zij gingen wonen in het tabaksboerderijtje, wat later als Waaldijk 35 genummerd werd. Over hun kinderen straks meer.

In die hoogtijdagen van de tabaks- en fruitteelt breidde de "Breunissen-dynastie" zich uit langs de noordkant van de Waaldijk richting Slijk-Ewijk, in de vorm van opstallen en boomgaarden, waarvan zij het fruit veelal op stam verkochten. Bij de kerk werd het pakhuis gebouwd waar ook een tabaksverwerkingsbedrijf werd ingericht. Ook de villa, voorheen herberg, in de voet van de dijk, was in bezit van de Breunissens. In het pakhuis werden naast tabak ook andere agrarische producten opgeslagen en verhandeld. Tegenover de kerk bezaten zij nog een tabaksdrogerij annex gelagkamer waar de handel gedreven werd. Verder hadden ze nogal wat boomgaarden in en rond het dorp. In 1896 bouwde Jacobus Breunissen de boerderij in de dorpskern, die een tiental jaren werd gehuurd door de gemeente Valburg voor dokterswoning.

(bronnen: archief De Danenberg van I. Van Druten en het boek "Euuic Silec Slijk-Ewijk, geschiedenis van een Betuws dorp" 2005 blz. 85).

Deelnemende partijen
KPW GNMF K3Delta

KWP Gebiedsontwikkelaars:
Ralf Weghorst 06-23846377

K3Delta:
Yvonne Kieft 024- 3488853 of 06-13070387

Gelderse Natuur en Milieufederatie:
Joost Reijnen 026-3523741

Gemeente Overbetuwe:
Roger Jakobs 06-42009199